OOILAMMEREN

 

 

 

 

 

 

                                     - on-onderbroken bles

                                     - rondom aan de achterpoten wit en direct zichtbaar

                                     - een witte punt aan het einde van de staart

 

 

 

 

 

 

MAG WEL

MAG NIET

 

 

 

 

 

 

een niet-gepigmenteerde neusspiegel

wit aan achterpoten op of hoger dan sprongewricht

een vlindertje op de neus

 

wit aan de voorpoten op of hoger dan de knie

zwarte stippen in het wit van de bles

wit op de oren groter dan een euro

wit op de kruin tot achterkant oorlijn

 

wit op de kruin voorbij achterkant oorlijn

wit aan de onderkaak binnen het kaakbeen

 

een bef groter dan 5 cm (bij opname als lam)

 

wit op de oren kleiner dan een  euro

staart meer dan tweederde wit

 

bef niet groter dan 5 cm (bij opname als lam)

 

los wit of anders gekleurde vlekken

zwarte of witte voorpoten

 

een gecoupeerde staart

 

los zwart in het wit van de achter- en/of voorpoten

wit aan de onderkaak buiten de kaaklijn

 

zwarte of witte hoeven (liefst zwart)

 

 

 

 

 

 

 

 

RAMLAMMEREN

 

 

 

 

 

 

                                     - een ononderbroken bles met wit aan beide zijden van de symmetrie-as van de neuslijn

                                     - rondom aan de achterpoten wit en direct zichtbaar

                                     - een witte punt aan het einde van de staart

                                     - een gepigmenteerde neusspiegel

                                     - zwarte of bruine vacht (liefst zwart)                                                             

           

MAG WEL

MAG NIET

 

 

 

 

 

 

een vlindertje op de neus

 

een onderbroken bles of een bles die niet wit is aan beide zijden van de symlmetrie-as van de neuslijn

 

zwarte stippen in het wit van de bles (liefst mooi)

wit op de oren, dus ook geen wit op de ooraanzet

 

wit op de kruin tot achterkant van de oorlijn

 

een bef groter dan 2 cm diameter (bij opname als lam)

 

wit op de onderkaak binnen het kaakgewricht

 

wit aan de onderkaak buiten de kaaklijn

 

een bef kleiner dan 2 cm diameter

wit aan voor- en/of achterpoten hoger dan de helft van voor-en/of achterpijp

zwarte of witte voorpoten

 

staart meer dan half wit

 

los zwart in het wit van de achter- en/of voorpoten (liefst vol wit)

los wit of anders gekleurde vlekken

zwarte of witte hoeven (liefst zwart)

 

een gecoupeerde staart

 

 

volledig zwarte kroonranden (rondom zwart aansluitend aan de hoef)

 

 

 

 

wit op de kruin verder dan de oorlijn

 

 

 

 

VORM BLES

AANTAL WITTE VOETEN

 

2

3

4

mooi

AA

BA

CA

zandloper

AB

BB

CB

breed

AC

BC

CC

zeer smal

AD

BD

CD